Phrasal werkwoorden Opdrachten in de Engelse taal

Phrasal werkwoorden vormen een essentieel onderdeel van de Engelse taal en komen veelvuldig voor in zowel gesproken als geschreven communicatie. Deze combinaties van een werkwoord en een voorzetsel of bijwoord hebben vaak een betekenis die niet direct af te leiden is uit de afzonderlijke woorden. Het beheersen van phrasal werkwoorden kan daarom een uitdaging zijn voor veel taalleerders, maar het is cruciaal om vloeiend en natuurlijk Engels te kunnen spreken en begrijpen. Op deze pagina vind je diverse oefeningen die je zullen helpen om phrasal werkwoorden beter te begrijpen en correct te gebruiken. De oefeningen zijn ontworpen om je te helpen de verschillende betekenissen en toepassingen van deze werkwoorden te verkennen. Of je nu een beginner bent die de basisprincipes wil leren of een gevorderde spreker die zijn vaardigheden wil verfijnen, deze oefeningen zullen je voorzien van de nodige praktijk en inzicht om je Engels naar een hoger niveau te tillen.

Exercise 1 

<p>1. She always *wakes* up early in the morning (opstaan).</p> <p>2. He decided to *give* up smoking for his health (stoppen met).</p> <p>3. We need to *pick* up some groceries on our way home (ophalen).</p> <p>4. The meeting was *called* off due to the bad weather (afgelast).</p> <p>5. Can you *turn* down the music? It's too loud (zachter zetten).</p> <p>6. She *looked* after her younger brother while their parents were away (zorgen voor).</p> <p>7. I can't *figure* out the answer to this math problem (begrijpen).</p> <p>8. They *ran* out of milk, so they went to the store (opgebruiken).</p> <p>9. He *put* off his homework until the last minute (uitstellen).</p> <p>10. She *ran* into her old friend at the supermarket (tegenkomen).</p>
 

Exercise 2

<p>1. She needs to *look after* her younger brother while their parents are away (phrasal verb for taking care of).</p> <p>2. He tried to *give up* smoking but found it very difficult (phrasal verb for quitting).</p> <p>3. They had to *put off* the meeting due to unforeseen circumstances (phrasal verb for postponing).</p> <p>4. Can you *fill in* this form with your personal details? (phrasal verb for completing).</p> <p>5. The company decided to *cut down* on expenses to improve their financial situation (phrasal verb for reducing).</p> <p>6. I need to *pick up* my dry cleaning on the way home (phrasal verb for collecting).</p> <p>7. We should *look into* the matter further before making a decision (phrasal verb for investigating).</p> <p>8. He had to *take off* his shoes before entering the temple (phrasal verb for removing).</p> <p>9. She *ran into* an old friend at the supermarket yesterday (phrasal verb for encountering by chance).</p> <p>10. The project will *fall through* if we don't get enough funding (phrasal verb for failing to happen).</p>
 

Exercise 3

<p>1. She needs to *pick up* her brother from school (ophalen).</p> <p>2. He decided to *give up* smoking for his health (stoppen met).</p> <p>3. We should *look into* this problem further (onderzoeken).</p> <p>4. They *ran out of* milk and had to go to the store (geen voorraad meer hebben).</p> <p>5. Can you *turn down* the music? It's too loud (zachter zetten).</p> <p>6. Let's *set up* the meeting for next week (regelen, organiseren).</p> <p>7. She finally *got over* her fear of flying (overheen komen).</p> <p>8. He *came across* an old friend at the mall (toevallig tegenkomen).</p> <p>9. The team needs to *work out* a new strategy (uitwerken).</p> <p>10. I have to *catch up on* my emails (inhalen).</p>
 

Learn a Language With AI 5x Faster

Talkpal is AI-powered language tutor. Learn 57+ languages 5x faster with revolutionary technology.